Eddy Christiani - De Nederlandse electrische gitaar pionier

1918

Eduard Christiani wordt op 21 april 1918 in Den Haag geboren. Niet lang daarna komt zijn vader te overlijden. Zijn moeder is een rusteloze vrouw en ze verhuizen regelmatig. 

1930

Als hij 12 is wonen ze aan de Reinier Claeszenstraat in Amsterdam-West. Zijn moeder stuurt hem met een gulden naar de helderziende, mijnheer Spee in de Derde Helmersstraat. Hij voorspelt hem: Je zult een instrument met snaren gaan bespelen.

 

Ondertussen was hij aan het oefenen gegaan op zijn ukelele. Uit een dun oefenboekje haalt hij de grepen. Vier streepjes stellen de snaren voor en de stipjes erin de plaatsen waar je je vingertoppen moet zetten. 

1932

Op zijn 14e verjaardag krijgt hij een Spaanse gitaar van zijn oom Mathieu. Zijn moeder heeft geen geld om hem op gitaarles te sturen. Boeken met gitaar accoorden en voorbeelden had je ook nog nauwelijks en zodoende moet Eddy zelf zijn eigen techniek op dit instrument ontwikkelen. Als hij na 3 maanden enigzins gitaar kan spelen organiseert hij met buurtviendje Dick Maten (later bekend geworden als Dick Wama, met de grote snor van de Wama's) een 'avondconcert' op het Dacostaplein en het eerste nummer wat ze spelen is I’m Nobody’s Sweetheart, de grote hit van The Mills Brothers uit 1931. 

1933/1935

Het gaat steeds beter met de 'autodidact' op gitaar. Hij verwaarloost wel zijn school en maakt het derde leerjaar van de mulo niet af. Hij wil proberen met gitaar spelen zijn geld te verdienen.

 

Zijn eerste optreden is met een groepje tijdens een jaarfeest van een Amsterdamse vereniging. Iedereen zou 50 cent krijgen, maar na afloop blijkt er geen geld voor de gages te zijn. 

Hij leert Joop Heerholtz kennen in de muziekhandel van Joop's vader in de Raadhuissstraat. Joop laat hem thuis platen van Django Reinhardt horen en Django wordt het idool waar Eddy zich aan optrekt. Joop legt contacten voor hem bij het dansorkest de Milano Band, waar hij zelf trompet speelt. Eddy krijgt 2,50 gulden per optreden

Hij wordt lid van het maandblad de Jazzwereld en de daaraan verbonden Nederlandse Hot Club, later de Nederlandse Jazzliga. Eddy krijgt een uitnodiging van de Nederlandse Hot Club (NHC)voor een jazz-uitvoering met een quintet bestaande uit 3 gitaren, bas en viool in het Amsterdamse Concertgebouw.

Met de Spaanse gitaar van oom Mathieu loopt het slecht af. Tijdens een kanovaart op de Prinsengracht neemt hij zijn gitaar mee om de meisjes ermee te imponeren. Als zijn peddel in het water valt probeert hij met behulp van zijn gitaar aan de kant te komen. Helaas verdwijnt zijn gitaar naar de bodem van de Prinsengracht.

 

Eddy kan een Harmony gitaar lenen van Joop Heerholtz, totdat hij zelf genoeg geld heeft om een nieuwe gitaar te kopen.

1936/1937

Met heel veel moeite komt hij in het bezit van 78 toeren platen opgenomen in de 20-er jaren van de Amerikaanse gitarist Eddie Lang en violist Giuseppe 'Joe' Venuti. Lang speelt vloeiende lijnen op twee of drie snaren (single-string stijl, met plektrum tussen duim en wijsvinger) en improviseert dan op een thema. Hij duwt ook een bepaalde snaar een beetje op, zodat een klagend geluid (blue note) ontstaat. De single-string stijl van Eddie Lang is evenals die van Django Reinhardt een van zijn grote invloeden.

Als 17-jarige krijgt Eddy werk aangeboden in het trio van accordeonist John de Mol (de vader van John de Mol Sr. en grootvader van John en Linda de Mol). Het orkest bestaan verder uit pianist Maup Agstribbe en drummer Freddy de Ruyter. Na enkele maanden inwerken in Café Mooy aan de Nieuwendijk gaat Eddy eindelijk 7,50 per week verdienen voor een engagement van het Orkest John de Mol in het café-cabaret van de wielrenner Piet Moeskops (in de 20er jaren vijfvoudig Wereldkampioen Sprint), in de Warmoesstraat.

 

Van zijn eerste weekloon bij Moeskops koopt Eddy direct een Amerikaanse Gibson Kalamazoo Jumbo gitaar bij Joop Heerholtz voor 35 gulden. Hij mag hem afbetalen met 2,50 gulden per maand.

Het Orkest John de Mol gaat verder als John de Mol & his Swing Specials en de gage van Eddy is ondertussen 10 gulden per week. Tijdens een optreden bij Moeskops hoort Eddy dat zijn idool Django Reinhardt in Negro Palace (later Palace) op het Thorbeckeplein aan het spelen is. Tijdens een kwartiertje pauze rent hij er snel naar toe en kan vanaf de ingang nog even een minuut naar binnen kijken. Hij moet weer terug maar heeft de Selmer gitaar van Django gezien en een sextool-akkoord (G6) in zijn hoofd geprent. Eddy vertelt later: De muzikant die ik het meest bewonderde, heb ik in mijn hele leven misschien zestig seconden mogen zien.

 

Na hun succes bij Moeskops krijgen ze een engagement in De Arena, een feestzaal op de Nieuwendijk.

1937 John de Mol & his Swing Specials vlnr: Freddy de Ruyter (dr), Eddy de Jong (piano), John de Mol, Eddy Christiani (met Gibson Kalamazoo Jumbo gitaar)
1937 John de Mol & his Swing Specials vlnr: Freddy de Ruyter (dr), Eddy de Jong (piano), John de Mol, Eddy Christiani (met Gibson Kalamazoo Jumbo gitaar)

Eddy maakt zijn eerste compositie Sunny Madeira (It's The Land Of My Own) gebaseerd op de accoorden van Lulu's Back In Time. De Engelse tekst is van Jack Millar

1938

John de Mol & his Swing Specials komen daarna eindelijk op Het Rembrandtsplein terecht in De Kroon. De bezetting bestaat dan naast John de Mol (accordeon) en Eddy Christiani (gitaar) uit Eddy de Jong (piano), Bobby Gans (drums) en James Grootkerk (speelt jazz op een harp). Na het engagement komt het orkest een tijdje zonder werk te zitten. Er breken moeilijke tijden aan.

 

Op 31 mei 1938 maakt hij zijn radiodebuut als zanger/gitarist van de Nederlandse Hot Club met het door hem gezongen nummer Blue Moon in het AVRO radioprogramma ‘Licht en Vrolijk’, gepresenteerd door Frits Thors (later bekend geworden op de TV, als de nieuwslezer met de zilveren haren).

 

Eddy woont bij John de Mol thuis in en het lukt hem om af en toe nog wat werk te vinden. Hij mag een keertje meespelen in het orkest van Harry Large (dat is Harry de Groot, zijn oude schoolmakker van de mulo, die piano en accordeon speelt). Hij werkt ook een paar maal mee in het dansorkestje van saxofonist Max Woiski.

 

Via wat blufpoker reclame van John de Mol krijgen ze uiteindelijk een aanbieding van de VARA om op 6 oktober 1938 's middags een uur muziek op de radio te verzorgen om-en-om met het Orkest Eddy Walis. De gage is 20 gulden per musicus. De bezetting van het radio-orkest John de Mol is als volgt: John de Mol (accordeon, zang), Eddy Christiani (gitaar, zang), Mark 'spanky' ten Kaat (piano), Antoine 'muis' Martron (drums en washboard). Ze spelen die middag o.a. de instrumentale stukken Limehouse Blues, Wabash Blues, When Buddha Smiles (met gitaarsolo) en Dr. Hekill & Mr. Jyde (met gitaarsolo).

 

Frans Wouters komt de Swing Specials op bas versterken en ze blijven regelmatig optreden voor de VARA microfoons op. Via contacten van Frans Wouters met de KRO treden ze daar gedurende 2 maanden met hetzelfde orkest op als Frans Wouters en zijn KRO-meeuwen.

 

Met de goede verdiensten van de radio optredens koopt Eddy naar het voorbeeld van Django Reinhardt een Selmer Maccaferri D-Hole Jazz gitaar bij muziekhandel Weerts op de Singel.

De swing begint in 1938 ons land te veroveren.

 

Eddy begint druk bij te schnabelen. Hij speelt regelmatig voor dansschool Wim van Beek in de Koningszaal van Artis. Werkt in Den Bosch en Eindhoven met The Swinging Stars. Van impressario Max van Gelder krijgt Eddy een engagement van drie maanden bij orkestleider Han Sodekamp in de Hamdorff in Laren. De gage bedraagt 45 gulden per week. Een vermogen in die tijd!

1939

De radio bezetting van John de Mol & his Swing Specials is versterkt met slaggitarist Cor Baan. Bassist Frans Wouters neem de leiding van het ensemble over van accordeonist John de Mol. Ze werken contracten af in Groningen, Leeuwarden, Heerlen, Amsterdam (Savoy Club) en Rotterdam (Hotel Coomans).

 

Tussendoor werken ze nog regelmatig voor de VARA-radio. Eddy speelt ook nog een tijdje in het orkest van drummer Willy Kok in de dancing Winkels (Kalverstraat).

 

In die periode neemt Charlie Christian zijn allereerste electrische gitaarsolo’s op met zijn Gibson ES-150 gitaar als gitarist van het Benny Goodman Sextet in de studio. Vooral in het nummer Solo Flight zet hij letterlijk de toon, die tot op de dag van vandaag als norm geldt voor jazz gitaristen.

1940

In mei 1940 speelt het orkest van Frans Wouters in Tabaris in de Wagenstraat, Den Haag in de volgende bezetting: Frans Wouters (bas), John de Mol (accordeon/zang), Eddy Christiani (gitaar/zang), Eddy de Jong (piano), Boy Edgar (trompet) en Kid Dynamite (tenorsax).

 

Met een nieuwe bezetting (zie foto hieronder) vervolgen ze in de eerste oorlogsmaanden hun optreden met nog veel Amerikaanse muziek in de nieuwe zaak Caliente aan de Lijnbaansgracht. Een zaak in Latin stijl met een nagebouwde patio en een 'Mexicaanse' binnenplaats.

1940 Orkest Frans Wouters in Caliente, Lijnbaansgracht (Amsterdam) vlnr: Gilles Pirotte, Eddy Christiani (met Selmer Maccaferri gitaar), gastviolist (?), Antoine 'Muis' Martron, John de Mol en Frans Wouters
1940 Orkest Frans Wouters in Caliente, Lijnbaansgracht (Amsterdam) vlnr: Gilles Pirotte, Eddy Christiani (met Selmer Maccaferri gitaar), gastviolist (?), Antoine 'Muis' Martron, John de Mol en Frans Wouters

Op een dag hoort Eddy het gerucht dat er in Amsterdam een electrische gitaar te koop is bij Muziekschool Zwaag aan de Jacob van Lennepkade. Hij gaat er direct op af en de gitaar een Epiphone Electar Model M blijkt het krankzinnige bedrag van 495 gulden te moeten kosten. Zoveel geld had hij niet, maar hij kan hem op afbetaling meenemen. De prijs is wel inclusief koffer en een 15 Watt buizenversterker met Goodmans speakers.

 

Muziekschool Zwaag heeft in 1939 twee Epiphone Electar Model M gitaren met versterkers geïmporteerd. Waarschijnlijk hebben ze op de muziekschool de Epiphone Electar versterkers zelf omgebouwd. Een maand of wat na het uitbreken van de oorlog biedt de muziekschool de gitaren met versterkers te koop aan. Eddy koopt een van de exemplaren en de andere is in het bezit gekomen van het Hawaiian ensemble De Honolulu Queens.

Epiphone Electar Model M
Epiphone Electar Model M

Met zijn electrische gitaar veroorzaakt hij in het orkest van Frans Wouters een ware revolutie. De klank van het orkest verandert van de ene dag op de andere. Eddy hoeft nu niet meer met zijn gitaar achter de microfoon te gaan staan. Hij kan rustig blijven zitten en geraffineerd overgangen en chorusjes maken. 

Vanwege de opvallende klank van zijn electrische Epiphone gitaar wordt Eddy door producer Ger Oordt (later oprichter van Bovema) gevraagd om een paar platen te maken met het trio van accordeonist Jacques Gerlagh. Voor het platenmerk Kristall worden voor het eerst in Nederland instrumentale opnamen gemaakt met een electrische gitaar in de studio (Ons Gebouw, Hilversum). In The Mood en Melodia verschijnen ieder op plaat met een door Eddy in het Afrikaans gezongen nummer op de andere kant. Eddy krijgt 10 gulden voor zijn bijdrage.

 

1941

De Duitse bezetters staan geen Engelstalige liedjes meer toe op de radio. Tegen wil en dank begint Eddy in de eerste oorlogsjaren met het orkest Frans Wouters steeds meer Nederlandse liedjes te zingen. Hij vindt zelf dat hij helemaal geen stem heeft (hij is kortademig) en speelt veel liever gitaar. Zijn zangstijl die men ritmisch en brokkelig noemt is toch zijn handelsmerk geworden. Zelf heeft hij erg goed naar Bing Crosby, Cab Calloway, Al Bowlly en Ella Fitzgerald geluisterd en heeft van Bing Crosby het syncopische, het vóór en achter de maat zingen overgenomen.

Bing Crosby en  Eddie Lang
Bing Crosby en Eddie Lang

Eddy laat zijn Engels nummer Sunny Madeira vertalen door tekstdichter Han Dunk. Zonnig Madeira stijgt naar de top en Eddy is van af dat moment enorm populair aan het worden als zanger van het Nederlandse lied.

Eddy Christiani neemt als eerste Nederlandse gitarist een electrische gitaarsolo op in Ons Gebouw in Hilversum. The Windmill is een door hemzelf geschreven instrumentaal nummer. Uitgebracht door het Orkest Frans Wouters op Imperial H 35004 (78 toeren) in september 1941.

Eddy met zijn electrische Epiphone  Electar Model M gitaar in de studio. Rechts naast hem op de stoel staat de omgebouwde Epiphone versterker. vlnr: Cor Baan, Antoine 'Muis' Martron en Eddy Christiani
Eddy met zijn electrische Epiphone Electar Model M gitaar in de studio. Rechts naast hem op de stoel staat de omgebouwde Epiphone versterker. vlnr: Cor Baan, Antoine 'Muis' Martron en Eddy Christiani

Eddy Christiani speelt bas op de eerste 9 (78 toeren) platen van The Kilima Hawaiians, waaronder Ajoen Ajoen, Hilo March en On The Beach At Waikiki. Bill Buysman heeft in de studio Eddy's versterker mogen gebruiken.

1942

Frans Wouters en zijn Dansorkest bestaat uit: Frans Wouters (bas), John de Mol (accordeon), Eddy Christiani (elec. gitaar), Herman Vis (gitaar), Giles Pirotte (piano), Antoine 'Muis' Martron (drums) en Theo van Brinkom (viool). Van Brinkom vertrekt en zijn plaats wordt ingenomen door Frans Poptie. Tot voorjaar 1955 zal hij als arrangeur, orkestleider en componist met Eddy Christiani samenwerken.

Op de voorgrond Eddy met zijn electrische Epiphone  Electar Model M gitaar + versterker in het Orkest Frans Wouters. Verder Frans Poptie (viool), Bud van Hooren (drums) en Frans Wouters (bas)
Op de voorgrond Eddy met zijn electrische Epiphone Electar Model M gitaar + versterker in het Orkest Frans Wouters. Verder Frans Poptie (viool), Bud van Hooren (drums) en Frans Wouters (bas)

Met de revue Elck wat wils trekt het orkest van Frans Wouters door Nederland. John de Mol verlaat het orkest. Daarna gaat Eddy bij de Hongaarse pianist Sandor Vidak in de Caramella bar in Amsterdam spelen. Jan Mol neemt de plaats van Eddy in bij Frans Wouters. Voor de radio (soms drie maal per week) spelen Eddy en Jan Mol wél samen. Met name op hun gitaarsolo Hilversum Expresse komt veel fanmail binnen.

1943

John de Mol is de artistiek leider van De Flamingo-Revue, waarmee hij door het land trekt. Het orkest Frans Wouters gaat mee op tournee in de volgende bezetting: Frans Wouters (bas), Jan Gorissen (accordeon), Frans Poptie (viool), Gilles Pirotte (piano), Wim van Steenderen (klarinet), Coen van Nassau (vibrafoon), Bud van Hooren (drums), Jan Mol (gitaar) en Eddy Christiani (gitaar/zang)

 

Met zijn lied Ouwe Taaie (Yippy Yippy Yay) krijgt Eddy problemen met de Duitse censuur, het lied wordt verboden. Christiani weigert lid te worden van de Kultuurkamer en duikt onder in België. Zijn Epiphone gitaar en versterker neemt hij mee.

1944

Eddy neemt 8 nummers op in Fonior Studio voor het Belgische Deacca label in Brussel, waanonder Ik Zie De Zon. Na de bevrijding van Brussel gaat Eddy in een Engels legerorkest de Army Troupers spelen. Achter de frontlinies trekt hij mee Duitsland in. De stroomvoorziening is een probleem en vaak is zijn versterker aangesloten op 2 grote accu's uit een legertruck.

1945

In Bonn kan hij zich aansluiten bij de beroemde Cold Stream Guards (The Guards Divisional Dance Orchestra) en krijgt de rang van 1e luitenant.

1945 Eddy Christiani als 1e luitenant gitarist bij de Cold Stream Guards
1945 Eddy Christiani als 1e luitenant gitarist bij de Cold Stream Guards

1946

In Hamburg treedt Eddy als gastsolist op voor de BFN (British Forces Network) en speelt Hilversum Expresse, voor de gelegenheid omgedoopt tot Leave Train Special.

 

Eddy Christiani keert terug naar Nederland. Van zijn laatste geld koopt hij een accoustische Roger gitaar. De electrische Epiphone was een wrak geworden na al het gesleep langs het front. Hij componeert zijn 2e gitaarsolo Au Revoir. De bladmuziek hiervan wordt uitgegeven door Metro Music in Amsterdam.

 

Met het opnieuw opgerichte orkest van Frans Wouters speelt Eddy o.a. in Denemarken (Arhus) en zo'n anderhalf jaar in La Gaité (boven-achter in Tuschinski, Amsterdam). 

1947

Frans Wouters richt zijn sextet Vincentino op, genoemd naar zijn pasgeboren zoon. Eddy Christiani en arrangeur/violist Frans Poptie maken er deel van uit.

In juli 1947 verschijnt de allereerste publicatie over Eddy Christiani in Tuney Tunes.

1948

Optreden in 'Quartier Latin' (Leidsestraat) vlnr: Jan Gorissen, Gilles Pirotte, Wicky Stan, Eddy Christiani (met Gibson Jumbo gitaar) en Henri d'Albert van Leeuwen (schrijver van Op De Woelige Baren)
Optreden in 'Quartier Latin' (Leidsestraat) vlnr: Jan Gorissen, Gilles Pirotte, Wicky Stan, Eddy Christiani (met Gibson Jumbo gitaar) en Henri d'Albert van Leeuwen (schrijver van Op De Woelige Baren)

1949

Accordeola is het nieuwe VARA-radio orkest o.l.v. Frans Wouters (later Jan Gorissen). Het ensemble is opgebouwd rond de 3 knopaccordeonisten Jan Gorissen, Jaap Valkhoff en Johnny Holshuysen (de latere John Woodhouse). Max van Praag volgt Eddy als zanger op.

 

Eddy Christiani werkt mee aan enkele radio programma's van The Skymasters.

1950

Met het accordeon ensemble Harmonetto o.l.v. Tom Erich neemt Eddy weer een aantal grote hits op. Het orkest met o.a. Johnny Meyer en Coen van Orsouw op accordeon is regelmatig voor de AVRO-radio te beluisteren en samen met het trio The Chico's vormen ze Tom's Prairi Pioniers. Eddy Christiani is ook aanwezig met zijn gitaar en vokale bijdragen op een aantal platen op Decca van deze combinatie.

1951

De populariteit van Eddy Christiani heeft ondertussen reusachtige vormen aangenomen. Hij is een waar popidool geworden. Om aan de vele aanbiedingen te kunnen voldoen besluit Eddy samen met Frans Poptie zijn eigen ensemble op te richten. Het Ensemble Eddy Christiani o.l.v. Frans Poptie.

'Popidool' Eddy Christiani op de cover van de Tuney Tunes met een Amphion gitaar (Gitaarbouwerij Amphion Amsterdam, C.B. Willemsen)
'Popidool' Eddy Christiani op de cover van de Tuney Tunes met een Amphion gitaar (Gitaarbouwerij Amphion Amsterdam, C.B. Willemsen)

1952

Het Ensemble Eddy Christiani o.l.v. Frans Poptie vlnr: Eddy Christiani (met Roger gitaar), Harry de Groot, Frans Poptie, Coen van Orsouw, Willy Langestraat, Tony Herber en Bud van Hooren
Het Ensemble Eddy Christiani o.l.v. Frans Poptie vlnr: Eddy Christiani (met Roger gitaar), Harry de Groot, Frans Poptie, Coen van Orsouw, Willy Langestraat, Tony Herber en Bud van Hooren

1953

Aan het jarenlange contract met Phonogram komt een einde. Sedert 1941 is het overgrote deel van al zijn 78-toeren platen op het Decca uitgebracht. In maart 1953 tekent hij samen met zijn orkestleider Frans Poptie een overeenkomst met Bovema in Haarlem en zijn platen zullen nu op het Elite en Columbia label verschijnen. In het contract is opgenomen dat Eddy ook gitaarsoli gaat opnemen. De opnamen zullen worden opgenomen in de Electrola studio in Keulen.

 

Tijdens een van de allereerste sessies in Keulen worden de instrumentals Hilversum Espresse (Eddy maakt met zijn gitaar een treinimitatie. Het is een compositie van Jan Mol en Eddie Christiani, die reeds in de oorlogsjaren door het Orkest Frans Wouters gespeeld werd) en You're The Cream In My Coffee opgenomen.

 

Op de achterkant van een van grote hits (Rosemarie Polka) is Guitar Taptoe, het allereerste pure gitaarwerk van Christiani te vinden.(78 toeren Columbia DH 528)

 

Eddy Christiani gaat op een electrische Framus gitaar spelen. Het model 'Billy Lorento' is ontworpen door de Duitse jazz gitarist Willi Stich. Later zal hij in Amerika als Bill Lawrence een grote naam opbouwen als ontwerper van gitaarelementen. Een van Eddy's gitaarstukken heet dan ook toepasselijk Lorento Rag. Het is jammer genoeg nooit op plaat verschenen.

De lezers van het muziekblad Tuney Tunes verkiezen Eddy Christiani tot de populairste zanger van Nederland. Hij blijft bovenaan in de poll staan tot en met 1956.

Advertentie van Bovema in Tuney Tunes (december 1953) Eddy Christiani met een Roger accoustische gitaar. Duits fabrikaat van gitaarbouwer Wenzel Rossmeisl.
Advertentie van Bovema in Tuney Tunes (december 1953) Eddy Christiani met een Roger accoustische gitaar. Duits fabrikaat van gitaarbouwer Wenzel Rossmeisl.

1954

Guitar Taptoe wordt opnieuw uitgebracht met Guitar Potpourri (78 toeren Columbia DH 542). Op 18 november 1954 neemt het Ensemble Eddy Christiani de instrumental Flighty Flies (Christiani/Poptie) in Keulen op.

Uit Tuney Tunes juni 1954. Eddy Christian met Framus Billy Lorento gitaar
Uit Tuney Tunes juni 1954. Eddy Christian met Framus Billy Lorento gitaar
In de AVRO studio vlnr: Wim Jongbloed, Frans Poptie, Eddy Christiani (met Framus 'Billy Lorento' gitaar), Bud van Hooren, Coen van Orsouw, Tony Herber en Kees Noordijk
In de AVRO studio vlnr: Wim Jongbloed, Frans Poptie, Eddy Christiani (met Framus 'Billy Lorento' gitaar), Bud van Hooren, Coen van Orsouw, Tony Herber en Kees Noordijk

Eddy Christiani krijgt als eerste Nederlandse zanger een gouden plaat (78 toeren!) voor zijn hit Zeemanshart (een compositie van Coen van Orsouw en tekst van Johnny Hoes).

Advertentie Columbia in Tuney Tunes augustus 1954
Advertentie Columbia in Tuney Tunes augustus 1954

1955

In april 1955 komt er een einde aan de zakelijke samenwerking tussen Eddy Christiani en Frans Poptie. Muzikaal en vriendschappelijk komen ze elkaar nog regelmatig tegen.

 

Eddy begint zijn eigen all-round ensemble: Orkest Eddy Christiani met Rinus van Galen (piano, accordeon, clavioline, tuttivox, gitaar, bas, trompet, viool), Freddy Verdo (accordeon, piano, slagwerk, clavioline, tuttivox), Kees Noordijk (klarinet, altsax, accordeon), Bobby van Eekhout (slagwerk, piano), Theo van Brinkom (viool), John de Mol Sr (de vader van Linda en John de Mol jr- bas en zang) en Eddy Christiani (gitaar en zang).

1955 Orkest Eddy Christian - Eddy met Framus Billy Lorento gitaar. Op de voorgrond staan de versterkers van de Tuttivox en de Clavioline
1955 Orkest Eddy Christian - Eddy met Framus Billy Lorento gitaar. Op de voorgrond staan de versterkers van de Tuttivox en de Clavioline

De grammofoonplaten van het Orkest Eddy christiani ook wel Novelty Orchestra Eddy Christiani genoemd, worden in de 2e helft van 1955 exclusief uitgebracht op het RONDO label van de Fa. H. Munnikendam te Amsterdam, tevens importeur van het Franse Festival en Amerikaanse DOT label.

Eddy Christiani met zijn Framus 'Billy Lorento' gitaar en Rondo 78-toeren plaat op de cover van het Kerstnummer van Tuney Tunes in december 1955.
Eddy Christiani met zijn Framus 'Billy Lorento' gitaar en Rondo 78-toeren plaat op de cover van het Kerstnummer van Tuney Tunes in december 1955.

1956

Eddy is als gitarist betrokken bij de eerste LP van Frans Poptie. Onder de naam Frans Poptie en zijn Solisten nemen ze op 23 februari 1956 en 18 november 1956 de volgende instrumentale nummers op: Coquette, Snowy Blues, In A Beach Chair, Baby's Dream, Spring Board (Christiani/Poptie), Just Blowing, In A Hurry en Morinah (oude herkenningstune van het combo Vincentino). De overige musici zijn: Willy Langestraat (klarinet), Eddy Sanchez (vibrafoon), Herman Vis (ritmegitaar), Wim Kastelein (bas), Bud van Hooren en Martin Beekmans (drums).

 

In de zomer van 1956 speelt Eddy met zijn Eddy Christiani Sextet in het Casino in Noordwijk en in een dancing op het Rembrandsplein met een moderne jazzy line-up: Cees smal (trombone), Harry Verbeeke (tenorsax), Rob Young (bas), Frank Jonkers (drums), Cees Slinger (piano) en Eddy Christiani (gitaar en zang).

1957

Aan het contract met Grammofoonplatenmy Bovema komt een einde. De rock & roll begint ook Nederland te veroveren. Op een van zijn laatste platen op Columbia probeert Eddy nog op de wagen te springen met zijn nummer: Ik Fluit De Rock en Roll.

 

Eddy besluit te stoppen met het opnemen van platen en zich meer op studiowerk toe te leggen als sessie gitarist. Hij is met o.a. Harry de Groot (piano), Eddy de Jong (orgel), Dub Dubois (bas) en Nico Prins (drums) actief voor Artone Gramophone (opgericht in 1956). Hij zal in de toekomst betrokken worden bij plaatopnamen van bekende Artone artiesten als Willy Schobben, De Selvera's en The Padre Twins. Eddy werkt ook mee aan diverse reclamespotjes en jingles voor Radio Luxemburg.

1958

Eddy Christiani gaat op een Gretsch gitaar met Bigsby vibrato-arm spelen. Model 6120 Chet Atkins Nashville. De Nederlandse zanger/gitarist Van Wood (Peter van Houten) was hem in Italië al voorgegaan met een Gretsch 6136 White Falcon. Eddy is ondertussen een groot bewonderaar van Chet Atkins geworden en zal hem later persoonlijk leren kennen.

Gretsch 6120 Chet Atkins Nashville 1958
Gretsch 6120 Chet Atkins Nashville 1958

Op 40jarige leeftijd heeft Eddy zichzelf nog de 'fingerpicking style' van Chet Atkins aangeleerd (met een 'thumb-pick' om de duim, plus nog extra 3 vingers erbij om de diverse 'rolls' te kunnen uitvoeren).

1959

Hij is betrokken bij de rock & roll plaat van Diny Snijders & The Rocking Stars (studiomuzikanten met Eddy Christiani op sologitaar. Wie Wie Wie / De Rock School (Artone DR 25.041).

1960

Eddy speelt sologitaar op de platen van Winny Dobber. Bongo Boy / Ay Ay Ay Cabellero (Artone DR 25.058) en Nooit Op Zondag (Never On Sunday) /Waarom Johnny (Artone DR 25.070).

1961

Met Sucu Sucu (Mijn Sombrero) maakt Eddy Christiani een come-back op het Artone label. El Sucu Sucu is oorspronkelijk een nummer uit 1958 van de Argentijnse charanga, viool- en pianospeelster Tarateño Rojas. In 1960 treedt de Argentijnse zanger Alberto Cortez in Knokke op, waar hij Sucu Sucu voor het eerst in Europa presenteert. Hij neemt de song in België op voor het Moonglow label en het wordt een hit.

In 1961 neemt de Belgische orkestleider Al Verlane & zijn orkest Villa Montebello (locatie Antwerpse jazzclub) het nummer Sucu Sucu op met de zanger Ping Ping. Sucu Sucu verschijnt opnieuw in de Belgische hitparade, maar de plaat komt ook in de Nederlandse en Duitse Top 10. In Engeland scoort het Laurie Johnson Orchestra een grote hit met het nummer als Suku Suku, het is de tune van de TV serie "Top Secret".

 

Eddy Christiani neemt op verzoek van producer Lion Swaab een Nederlandstalige en een originele Spaanse versie op. De Spaanse versie wordt in Duitsland en Scandinavië op Columbia uitgebracht en in Amerika op Mercury. Alleen Ping Ping scoort in 1961 een klein hitje in de Amerkaanse Cashbox Top 100. Eddy is op 25 maart 1961 met Sucu Suco op TV te zien in Marinade (NCRV).

1961 Eddy Christiani met zijn Gretsch 6120 Chet Atkins Nashville gitaar en het Trio Harry de Groot (Nico Prins, Dub Dubois, Harry de Groot)
1961 Eddy Christiani met zijn Gretsch 6120 Chet Atkins Nashville gitaar en het Trio Harry de Groot (Nico Prins, Dub Dubois, Harry de Groot)

Op het Artone label verschijnt ook de eerste instrumentale single van Eddy Christiani. Het zijn de nummers Televisie Polka en Wiener Märchen. Het zijn multirecordings (7 dubbings met 2 synchroon lopende tape recorders) in de stijl van Les Paul. Eddy gat ook experimenteren met een Binson echo apparaat.

 

Eddy Christiani scoort met 2 platen in de Duitse Top 40. Bananas En Habana staat op no.25 in juli 1961 en met zijn song Marianne bereikt hij de 28e plaats in augustus 1961.

 

Hij verhuisd van de Amsterdamse De Clercqstraat (waar zijn vrouw Henny enkele jaren Sigarenmazijn Christiaanse heeft gehad) naar de Jan van Goyenlaan in Amstelveen, waar hij tot op de dag van vandaag nog woont.

1962

Dit jaar ontdekken veel jonge aankomende gitaristen, dat Eddy Christiani ook opwindende gitaarstukken kan spelen. Zijn single Little Geisha / Du, Du Liegst Mir Im Herzen past helemaal in de stijl van de Nederlandse gitaargroepen (Shadows- en Indorock bandjes). De componisten Eddy Christiani en Tom Erich van Little Geisha zijn duidelijk geïnspireerd door Wheels van The String-A-Longs. Du, Du Liegst Mir Im Herzen is een bewerking van een stokoud volksliedje uit Noord Duitsland. De sporen lopen terug naar 1820. Het is in een schitterende lange echo sound gedompeld. Speciaal voor de Duitse platenmarkt nemen Johnny & The Hurricanes ook een uitvoering van Du, Du Liegst Mir Im Herzen op. Beide nummers verschijnen op het repertoire van een groot aantal Nederlandse gitaargroepen. Tony & his Magic Rhythms, een bekende Indo-rock band uit Dordrecht spelen Little Geisha dat jaar live op de radio.

 

In 1963 wordt Little Geisha gecoverd door de bekende Duitse studio gitarist Ladi Geisler (hij speelt mee op alle Polydor hits van Freddy Quinn en is verantwoordelijk voor de kenmerkende bas gitaarrifjes in het orkest van Bert Kaempfert). De single verschijnt onder de naam Ladi Geisler & Die Tonics (Polydor). In Nieuw Zeeland komt in 1963 een uitvoering van Little Geisha als Geisha Girl op de markt van gitarist Bob Paris op het Philips label.

 

Ladi Geisler(rechts) met Freddy Quinn en Franz Resch in de Tarantella Bar, Hamburg (1954)
Ladi Geisler(rechts) met Freddy Quinn en Franz Resch in de Tarantella Bar, Hamburg (1954)

Du, Du Liegst Mir Im Herzen wordt in 1963 opgenomen als door de Leidse gitaargroep The Jumping Strings. Het nummer blijft op de plank liggen tot 1993. Rarity Records brengt het nummer uit onder de titel Du Hast Meine Herzen op de CD "Collector Items 3 - Rare & Unreleased"

 

Eddy is in het seizoen 1962/1963 maandelijks op TV met het Groot Strijkorkest van Harry de Groot in de NCRV uitzendingen van Riedels en Fiedels. In elke uitzending mag Eddy een solonummer spelen. Zo komen Afscheid, Lorento Rag, Guitar Taptoe, Hilversum Espresse, De Fluisterende Bossa Nova, Gitaar Wals en Wilde Ganzen aan bod.

 

Met zijn eigen compositie Wilde Ganzen is hij op 9 november 1962 te zien op TV. Eddy had dit nummer geschreven met Duane Eddy en The Shadows in zijn achterhoofd. Een demo van het nummer wordt ook aan Hank Marvin aangeboden, maar hij krijgt netjes bericht terug van het management dat ze al voldoende materiaal hebben.

 

Eddy Christiani wordt in 1962 en 1963 door de lezers van het maandblad "Muziek Parade"' uitgeroepen tot de populairste Nederlandse gitarist!

 

1963.

De instrumentale single Wilde Ganzen (Wild Geese) / Guitar Waltz wordt begin 1963 op Artone uitgebracht. The Shadows hebben er niets mee gedaan, maar The Jumping Jewels maken een sprankelende gitaaruitvoering van Wild Geese. Uitgebracht op Philips single, EP en LP ("Jumpin' High").

 

 

De Deense multi-gitarist Erik Kaare neemt een cover op van Wild Geese, uitgebracht op Triola. In Frankrijk wordt het door de accordeonist Marcel 'Rocky' Azzola opgenomen en uitgebracht als Mon Vieux Joë (EP Western Gala - Festival)

 

Eddy Christiani zit in 1962 in een jury van Artone Records die positief beslist over een platencontract van The Giants. Sarie Marijs en vooral Ajoen Ajoen van Willy & his Giants worden goed verkocht. In 1963 wordt door producer Lion Swaab aan Eddy gevraagd om in 4 nummers van de groep achteraf nog een extra gitaarpartij in te spelen. Het zijn de nummers Sarina, Terang Boelan, Auld Lang Syne en Guitar Battle Blues. Willy Wissink is er niet zo blij mee en eerlijk gezegd past het extra gitaartje niet helemaal bij deze produktie, maar daar is uiteindelijk de producer verantwoordelijk voor.

 

Eddy gaat spelen in het Kwartet Tonny Eyk met verder drummer Nico Prins en bassist Dub Dubois. Het combo is vooral actief met begeleidingswerk voor radio en televisie. Voor de KRO werken ze mee aan Alex van Wayenburg's radio-ziekenbezoek programma "de Zonnebloem".

1965

Op de NCRV radio (Koffiekamer) speelt Eddy elke donderdagavond een nieuwe gitaarsolo. De luisteraars moeten daarvoor een titel bedenken. Dat heeft hij 5 jaar vol gehouden met elke week een nummer in een andere stijl en ritme.

 

Tonny Eyk produceert zijn laatste instrumentale single voor Artone. Troika Jenka (E.Christiani) / Happy Jenka (T.Eyk).

 

Jan Blok (midden ) en Eddy Christiani (rechts) begeleiden hotviolist Stéphane Grapelli tijdens een TV optreden in Nederland.
Jan Blok (midden ) en Eddy Christiani (rechts) begeleiden hotviolist Stéphane Grapelli tijdens een TV optreden in Nederland.

Eddy wordt door Conamus onderscheiden met De Gouden Harp. De Gouden Harp is een oeuvreprijs voor een belangrijke bijdrage aan de Nederlandse muziek.

1966

Met het combo van Tonny Eyk is Eddy ook sedert de zomer van 1966 jarenlang te zien op TV bij Willem Duys in Voor De Vuist Weg.

 

Eddy Christiani koopt zijn 2e Gretsch gitaar. Model 6122 Country Gentleman. Toby Rix neemt zijn Gretsch 6120 Chet Atkins van hem over. In de 70-er jaren schaft hij ook een Gretch 6136 White Falcon aan, die hij speciaal gebruikt voor optredens. Eddy is al in het bezit van een Gretsch 6160 Chet Atkins versterker.

1968

Opnieuw een come-back voor Eddy Christiani via zijn plaat Loulou (een liedje uit 1928 van Louis 'Kobus Kuch' Noiret) op het CNR label, die de 21e plaats van de Top 40 bereikt. Trotser is hij op het feit dat hij zijn 1e gitaar LP met eigen werk mag vol spelen. Op die LP "Continental Tour" (CNR SKLP 4276) is ook een nieuwe versie van Wild Geese te beluisteren. Het repertoire is door Eddy reeds eerder speciaal gecomponeerd voor zijn wekelijkse optredens voor de NCRV radio. Er worden ook 2 instrumentale singles met nummers van de LP uitgebracht. Ragtime Baby / Lovers Theme en Chanson Anonyme / Adieu. Een aantal jaren later brengt CNR de LP opnieuw uit als "Instrumentale Favorieten".

1969

Het hernieuwde succes van Eddy brengt Artone Records op het idee om al zijn Artone singles uit de periode 1961-1965 op LP uit te brengen. Het is de LP "14 Populaire Successen" (Artone BDJ S-1520) met 8 instrumentals en 6 vokale nummers.

Eddy Christiani poseert met zijn Gretsch Country Gentleman en zijn overige snaarinstrumenten voor de hoes van zijn Artone verzamel LP uit 1969. Rechts achter hem de Selmer Maccafferri, die hij van Wim Sanders kocht en ooit bespeeld werd door Joseph Reinhardt, de broer van Django. Rechts daarnaast ligt zijn Egmond basgitaar.

Eddy Christiani  met Chet Atkins in 1969
Eddy Christiani met Chet Atkins in 1969

Het boek "Het Stond In De Sterren", de biografie van Eddy Christiani geschreven door 'ghostwriter' Herman Pieter de Boer ligt in de boekenwinkels. Uitgave van Born N.V. Amsterdam/Assen.

 

 

1971

Op 17 september 1971 wordt de TROS special "Het Stond In De Sterren" op TV uitgezonden.

1973

Ruim 40 jaar is Eddy Christiani nu actief als gitarist en dat brengt de nieuwe platenmaatschappij BASF op het idee om een LP van Eddy uit te brengen met gitaarwerk. Op deze LP "Guitar Talk" (BASF 11-25300-7) is wederom van de veelzijdigheid van Eddy Christiani als gitarist te genieten. Van het jazzy Guitar Talk à la Chet Atkins tot het effectvolle The Happy Tubaplayer en de volle gitaarsound in The End Of The Trail, wat zo als filmmuziek in een western gebruikt kan worden.

1975

Van 1975 tot 1985 presenteert Eddy op de TROS radio (Hilversum 4) zijn eigen programma "Guitariteiten", waar al zijn eigen favorieten zoals Eddie Lang, Lonnie Johnson, Eddie Durham, Django Reinhardt, Charlie Christian, Chet Atkins, Eddie Bickert, Karl Press, Barney Kessel enz. enz. uitgebreid aan bod komen.

1981

Bert Bossink, uitgever van het blad "The (Fabulous) Sounds Of The 60's" maakt een groot intervieuw met Eddie Christiani als gitarist. Het artikel verschijnt in 1982 in het boek "Hollandse Instrumentale Produkties 1958 - 1982", een uitgave in eigen beheer van George Evers.

1998

Op SamSam Music verschijnt de CD "Continental Tour". Hierop is Eddy's instrumentale gitaar LP uit 1968 (CNR) en 8 nummers uit zijn Artone periode 1961-1965 in perfecte kwaliteit te beluisteren. In de CD informatie staat te lezen: In de tegenstelling tot wat men denkt over Eddy Christiani is dat hij eigenlijk een instrumentalist is maar bekend werd door zijn zangnummers!

2006

Het provinciale popplatform Poppunt Zeeland besluit de Eddy Christiani Award in het leven te roepen. De award wordt jaarlijks toegekend aan een (inter)nationaal bekend gitarist die net als Christiani een inspirerende bijdrage heeft geleverd aan de ontwikkeling van de elektrische gitaarmuziek.

Tot en met 2010 reikte Christiani zelf de prijs uit.

2016

Eddy Christiani is 24 oktober 2016 op 98-jarige leeftijd overleden in zorgcentrum Aalsmeer.

Speciale dank gaat uit naar:

  • Bert Bossink [R.I.P.] voor de informatie en het fotomateriaal.
  • Cees Bakker (GitaarPlus)
  • Roelf Backus
  • Peter Riethof (R.I.P.)

 

Bronnen:

  • Eigen archief
  • Boek 'Het Stond In De Sterren' door Herman Pieter de Boer
  • Artikel + interview Eddy Christiani - Mr. Guitar (zie tekst bij 1981)
  • Tuney Tunes 1951-1961
  • Artikel Eddy Christiani door Cor Gout (Platenblad nr.124 - sept. 2004)
  • Artikel Frans Poptie door Cor Gout (Platenblad nr. 126 - dec. 2004)
  • Inlegboekje CD Frans Poptie - It's Easy To Remember (EMI) door Skip Voogd

© pmouse, december 2005 - 2016